Het is onze goede gewoonte om de routes en de hotels die wij op onze reizen aanbieden, vooraf te controleren. In maart van dit jaar hebben we de ontdekkingsreis Albanië voorgereden. Hier volgt ons verslag.
Je kunt op Youtube ook een fotoverslag bekijken, dan heb je een goede indruk klik hier of ga naar onze site of youtube.
De reis start met de overtocht per ferry van Ancona naar Split. De routes door Kroatië en Montenegro waren ons al bekend en ook de hotels daar zijn zorgvuldig gekozen, mede dankzij advies van een bevriend reisbureau. Daarom begon onze route in het noorden van Albanië, in Shköder.
We spraken af in het Golden Palace Hotel, een prettig hotel midden in de stad, maar met een luxe die direct rust gaf: een eigen ondergrondse parkeergarage waar t.z.t. speciaal voor ons plaatsen worden gereserveerd. Shköder bleek een levendige en vriendelijke stad. Vanuit hier verkennen we op de toekomstige reis de omgeving via prachtige dagroutes. Er is keuze uit twee indrukwekkende tochten: één richting Theth en één naar Vermosh. Beide routes zijn adembenemend mooi, met ruige bergen, diepe valleien en stille wegen waar je nauwelijks verkeer tegenkomt.
De rit van Shköder naar Tirana voerde deels door de bergen. Onderweg genoten we van geweldige vergezichten en rustige wegen die soms wat kuilen hadden, maar prima te rijden waren. Het laatste deel ging over provinciale wegen richting de hoofdstad. In Tirana verbleven we in het prachtige Rogner Hotel Tirana. Hoewel het midden in de stad ligt, voelt het als een oase van rust. Het mooie zwembad, de groene tuin en het uitstekende restaurant maakten het verblijf bijzonder aangenaam. We hebben er heerlijk gegeten.
Daarna reden we via Elbasan verder naar Korçë. Ook deze route liep grotendeels over provinciale wegen, maar opnieuw over mooie trajecten. Langzaam naderden we het prachtige Meer van Ohrid. Tegen het einde van de route kwamen enkele haarspeldbochten waar we stopten voor foto’s. Vanaf daar kijk je schitterend uit over het dorp Lin en het glinsterende meer beneden. Vervolgens reden we langs het meer richting Pogradec en verder naar Korçë.
Ons verblijf daar was in het moderne MIK Hotel: fris, nieuw en comfortabel. De auto’s kunnen eenvoudig voor het hotel op eigen terrein parkeren en het personeel helpt zelfs met een balk om gemakkelijk de stoeprand op te rijden. Het diner in het hotel was uitstekend. We blijven hier twee nachten, waardoor er ook tijd zal zijn om Korçë zelf te ontdekken — een charmant stadje met een bijna Italiaanse sfeer. Een bijzonder hoogtepunt is het Nationaal Museum voor Middeleeuwse Kunst. De volgende dag maakten we een prachtige tocht langs de andere kant van het Ohridmeer, richting Noord-Macedonië.
Vervolgens reisden we door naar Sarandë, via Gjirokastër. Tijdens de uiteindelijke tour wordt Gjirokastër waarschijnlijk een dagtocht, zodat er meer tijd is om deze bijzondere historische stad goed te bekijken. In Sarandë verbleven we in het schitterende Demi Hotel. Een plek waar eerder aankomen absoluut geen straf is: het zwembad en de ligging aan zee nodigen uit tot ontspanning.
Vanuit Sarandë maakten we dagtochten naar Gjirokastër en naar Butrint National Archaeological Park. Beide excursies zijn prachtig en eventueel zelfs op één dag te combineren. Vooral Butrint maakte diepe indruk. Het archeologische park is werkelijk schitterend gelegen en ademt geschiedenis. Je wandelt daar door eeuwenoude ruïnes tussen groen en water. Je kunt er met een bootje naar het kasteel varen. Om de route te vervolgen moet je met een kleine pont oversteken naar de overkant — een ervaring op zich.
De rit van Sarandë naar Vlorë duurde ongeveer vijf uur. Voor vertrek maakten we nog een wandeling door het oude gedeelte van Sarandë, langs de gezellige boulevard en kleine straatjes vol sfeer. Onderweg, bij Vuno, kwamen we een stukje weg met kinderkopjes tegen. Daarna volgde een keuze: door een zes kilometer lange tunnel of over de bergpas. Wij kozen bewust voor de pas — en dat bleek absoluut de juiste beslissing. Boven op de pas werden we beloond met verbluffende uitzichten over zee en bergen. Een route om nooit te vergeten.
In Vlorë verbleven we in Hotel Priam, opnieuw een hotel direct aan het strand, met eigen zwembad en privéstrand. Een heerlijke plek om even helemaal tot rust te komen. Vanuit hier maakten we een dagtocht naar de historische stad Berat, beroemd om haar witte Ottomaanse huizen en bijzondere sfeer.
De laatste etappe bracht ons naar Durrës. Daar verbleven we in het grote Crowne Plaza Durrës, vlak naast het terrein van de ferry. Op de laatste dag konden we eenvoudig te voet de stad in wandelen. Het amfitheater en andere historische bezienswaardigheden liggen hier verrassend midden tussen moderne gebouwen — een bijzondere combinatie van oud en nieuw die Durrës een eigen karakter geeft.
Deze voorbereidingsreis door Albanië heeft ons verrast met indrukwekkende natuur, rustige wegen, gastvrije hotels en een enorme afwisseling aan cultuur en landschappen. Van ruige bergpassen tot azuurblauwe zeeën en eeuwenoude steden: Albanië is een bestemming vol schoonheid en ontdekkingen.
